Hoop(begon in Harlingen)

Mien stadsje

Harlingen? Daar wonen geen Ambonezen! Dat werd er altijd verteld wanneer je zei jaren geleden dat je uit de Friese havenstad komt. Mijn vader diende tijdens de tweede wereldoorlog in de KNIL, vocht tegen de Japanners. Maar hij werd niet betaald door Nederland. Hij besloot toen uit de KNIL te stappen. En de overstap te maken richting (militaire)politie. Want hij wilde wel risico nemen voor het Koningshuis, maar minimaal wilde hij wel een loon krijgen. Niet zo’n raar idee toch? Velen denken dan ook dat ik strijd lever om mijn vaders rechten, en achterstallige lonen omdat hij nog leeft. Helaas! Hij, en mijn moeder zijn in de jaren 1999 en 2000, een jaar na elkaar overleden. Ook zijn broers die in de KNIL dienden, zijn er al lang niet meer! Men vraagt mij weleens maar waarom vecht je dan nog? Dat is een van de raarste vragen die men mij kan stellen. Want het maakt het onrecht wat hen allen is aangedaan niets minder om! En niet alleen mijn familie, maar een hele bevolkingsgroep Ambonezen in Nederland. Moet men ook nog eens alle bevolkingsgroepen die uit Nederlands-Indië kwamen er bij optellen. Doordat mijn vader Sam Reawaruw(mijn zoon draagt zijn naam, en die van mijn oom Thomas beide Koninklijke Nederlandse Indisch Leger militairen / veteranen) de switch deed in zijn loopbaan belandde hij op Nieuw-Guinea. En werd hij in 1962 gedwongen naar Nederland te gaan, daar kon hij Nederland helpen als leidinggevende functionaris bij de politie. Men zei nog tegen hem, daar wonen veel Ambonezen. Daar kan jij dan een soort schakel tussen worden. Hij wilde terug naar Waai op Ambon, maar hij moest naar Nederland. Hij was net zoals zijn broers in dienst van de Nederlandse overheid.

CheckpointRea2
Bapa Moma(Thomas) & Bapa Sam(Samel) Reawaruw(broers) wilden net zoals Bapa Mezac Bakarbessy(De Telegraaf) terug naar Waai op Ambon

RMS paspoort

Niets is waar. Ook ontslagen toen hij hier aankwam. Hoe vreemd kan het lopen. Later werd er tegen ons door andere Molukkers verteld, Harlingen, Friesland? Hoe zijn jullie daar beland? Jullie zijn zeker geen RMS aanhangers, dat kan niet! Ik dacht toen al, volgens mij kennen jullie onze eigen geschiedenis niet. Want! Op Nieuw-Guinea bestond een RMS paspoort.  Jawel! Daar hadden ze dubbele paspoort, kennis is macht. Geen roze, maar dubbel. Hier in Nederland verdween die in de koffer. Of te wel de RMS vuur brandde wel degelijk in het havenstadje bij enkelen, maar zeker ook op Nieuw-Guinea. Mijn vader en ooms hadden aanspraak kunnen maken op de “backpay” regeling. Helaas, hoe cynisch kan dit zijn voor mij als persoon dat zij dit niet kregen. Maar ik besef dat ik hun postuum alle eer breng, en ik besef dat zij over mijn schouder meekijken. Mij ondersteunen, en meegenieten voor alle bapa2 en mama2 die het wel krijgen. Ik hoop dat iedereen die nu door mijn inzet en mijn actiegroep Maluku4Maluku daar wel van kan genieten.  Intens daarvan kunnen genieten, want zij verdienen dit. Maar zij hebben de taak er dubbel van te genieten voor allen die er niet meer zijn.

 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Hans Tahitu(Maluku4Maluku) / Bapa Mezac Bakarbessy KNIL Ambonees / Leo Reawaruw(Maluku4Maluku)…Abis perang beta rindu mau pulang di negri WAAI Ambon Manise

De krant van wakker Nederland

Ik kondigde het al aan op mijn tijdlijn op Facebook, afgelopen zondag. Maandag ga ik met mijn actiegroep Maluku4Maluku alle bevolkingsgroepen in Nederland wakker schudden! Ik begrijp dat er heel veel mensen dachten, waar heeft hij het nu weer over. Het bewijs is geleverd. Alle mediakanalen kreeg ik over mijn persoon heen gevallen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Lange interview met de grootste krant van Nederland, over de pijn en leed van KNIL Ambonezen

Men zei ook altijd tegen mij, de grootste krant van Nederland de Telegraaf is onze grootste vijand. Daar praten wij niet mee! Oh ja? Wanneer ik binnen mijn (pers)netwerken hoor dat daar ook goede journalisten zijn, die ook met ons meeleven. Daarnaast ook over onze aangedane onrecht willen schrijven. Ga ik zelf wel bepalen met wie ik praat, of samenwerk. Ik bepaal zelf, en laat mij niet in een hokje duwen. Vooral niet wanneer het over het verhaal van mijn ouders en mijn familie gaat die hier naar toe moesten! En in een kansloze positie binnen een wereldvreemde maatschappij werden gedropt! Daarom is het voor mij ook een verplichting tegenover hen allen, die alles hebben gegeven voor mij(en ons als tweede generatie) op te staan voor de eerste generatie zoals wij ze bestempelen. Want zij hebben alles gegeven voor mij(en ons allen) uit kansloze positie, om mijn persoon te laten zijn zoals ik nu ben. Met heel weinig geld hebben ze ons alle kansen gegeven om te slagen binnen een voor hen wereldvreemde omgeving. Ze werden stuk voor stuk getrakteerd op een opvang die een vluchteling nu weigert te krijgen. Jazeker, de Ambonezen zijn minder als een vluchteling opgevangen. Terwijl ze bloed, zweet en tranen hebben gegeven voor Nederland.

AAAAKNILKEEPCALM

 

Vrienden van Lanen Kaatsen

Ik groeide dus op in Harlingen. In een Nederlandse omgeving. Daar leer je dus wel als een van de weinige tropisch getinte bewoners te overleven. Ik kom er niet zo vaak meer. Behalve met Lanen Kaatsen dat ervaar ik als reünie van “ouwe seunen”, wanneer ik in de regio ben of was doe ik altijd mee. Ik ben zelfs lid van de vriendenclub, en dat zouden meer “ouwe seunen” moeten worden. Voor een tientje per jaar steun je het evenement van, en voor de Harlingers.  Want de Visserijdagen is dat al lang niet meer. Een commerciële grap met machines op straat waar je drankmunten moet kopen, die de drankprijs alleen maar omhoog duwt voor een week. Belachelijk!

 

 

De vraag of er in Harlingen bijdrage werd geleverd aan onze strijd naar erkenning en eerherstel, is heel makkelijk te beantwoorden. Want ik groeide op met een paar Ambonese families. Binnen deze families was er een jonge vrouw in de jaren zeventig, zij werd uitgezonden naar New York. Dit om de politieke strijd van de RMS in New York te vertegenwoordigen. Niet voor Manusama die door velen werd gezien als de leider, maar voor de Missie onder leiding van Tamaela. Daar was, en is het kantoor van de United Nations. Doelstelling was het politieke onrecht binnen de United Nations te bepleitten. Om diverse redenen is het daar opgehouden. Zij keerde dan ook weer terug naar Harlingen. De laatste twintig jaar ging ik nog weleens bij haar langs, wanneer ik in de Schepenwijk was. Altijd gastvrije ontvangst. Maar binnen vijf minuten zei ze tegen mij: “Broertje hoe staat het met de strijd! Nooit vergeten wat ze onze ouders allemaal hebben aangedaan!” Ik knikte altijd, maar er kwamen ook momenten steeds meer. Dat ze tegen mij vertelde dat ze heel trots op mij was. Ze volgde mij op Facebook. Het was knap dat ik in mijn eentje mijn rug rechtte. “Trek je niets aan van alle kritieken, zij praten makkelijk en zijn sterk op internet. Jij praat niet alleen, maar jij werkt en strijd! Ik ben trots op jou, ik denk dan weleens orang Ambon uit Harlingen die de kar trekt? Blijf strijden voor ons volk, op jouw manier!”

Afgelopen zondag kondigde ik aan, dat de acties van Maluku4Maluku op maandag breed uitgemeten zouden worden in de Telegraaf. En dat wij op maandag 30 oktober Nederland zouden wakker schudden met de grootste krant van Nederland. Ook dat de NOS Journaal in het wakker schudden zou meehelpen, wat ik had voorbereid zou een heel stuk schelen. Ik kreeg berichten zondagavond, waarom praat je met de Telegraaf? Ben je gek geworden? Dat is onze grootste vijand in de pers. En nu? De Telegraaf bracht een mooi verhaal, wel hartverscheurend, van Bapa Bakarbessy(90) die alleen maar terug wilde naar Waai op Ambon. Maar op dienstbevel naar Nederland moest komen. Ik wist waar ik mee bezig was, alles was voorbereid. Ik dacht ik zal haar na maandag als ik het niet vergeet een  bericht zenden via Facebook, of kort bellen. En haar vragen wat ze er van vond, want dat ik iedereen(dus ook Nederlanders) zou wakker schudden was een ding wat zeker was. Ik was daarvan overtuigd.

Een van de duizenden

Maandag gebeurde het. De grootste krant van Nederland pakte in alle glorie uit met hun verhaal van pijn, de KNIL Ambonezen verdienden dat eindelijk. Het was groot nieuws al op de voorpagina, maar verderop kwam het hartverscheurende verhaal, een van de duizenden,  van Bapa Mezac Bakarbessy.  Een volle pagina! Wanneer ik hem zie, noemt hij mij altijd bij mijn functienaam die bij mijn persoon past! Hij en veel van de eerste generatie noemen mij zo, maar veel van de generaties na hen. Snappen daar niets van, en kennen de functienaam niet eens. Ik ben altijd blij wanneer ik ze(eerste generatie) weer mag, en kan ontmoeten. Elke keer wanneer ik ze zie, zie ik de hoop weer in hun ogen. Triest, maar de keiharde waarheid. Dat ik de enige frontman ben, die met een klein clubje van hun kinderen opererend onder de actiegroep Maluku4Maluku nog voor hun rechten strijd. Ik sluit vaak af, met de volgende zin. “Jullie moeten sterk blijven, want jullie moeten het gaan meemaken. Voor iedereen die er niet meer is. Ik vraag jullie geen geld, dat hebben anderen gedaan. Ik vraag jullie voor mij te bidden, want daar ben ik niet zo goed in. Dan ga ik wel voor jullie werken, en strijden. Ora et labora!” Na alle ontmoetingen in vergadervorm, komen ze stuk voor stuk altijd mij persoonlijk bedanken. Stokoud, en altijd bij de afscheid de volgende zin “Ik zal in mijn dagelijkse gebeden jouw naam noemen, blijf strijden mijn kind!” Hoe bizar is het nu op het internet. Ik lees dat wij het pad naar totale eerherstel, en erkenning een zoethoudertje is van defensie! Al die mensen die dat zeggen en schrijven? Schreeuwen maar wat, en een paar ouderen nemen ze weer mee in hun domme praatjes. Maar vooral valkuilen, weer een groot toonbeeld dat de grootste vijand binnen onze strijd wij zelf zijn. Niemand anders.  Zoethoudertje? Domme slaapkoppen denk ik dan, het was de strijd van Maluku4Maluku om dit te bereiken. Iedereen zat “een beetje dom” op het internet, of in de Marinjo(magazine) te vechten. Of men noemde het vooral strijden. Lachen toch? Maar ik zal er dit weekend op terugkomen in mijn volgende blog!!

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Ik kan haar niet meer een bericht zenden via Facebook, ik kan haar ook niet meer opbellen. Want op de dag dat orang Ambon uit Harlingen heel Nederland wakker schudde? Sliep zij vredig in. Vandaag wordt ze begraven in Harlingen, maar voor deze dag is aangebroken? Kondig ik als frontman van Maluku4Maluku weer aan dat het grootste hoofdpijndossier van defensie, veroorzaakt door politieke blunders, wederom in de krant de Telegraaf breed uitgemeten zal worden. Terwijl Ester Sopacua begraven gaat worden, kunt u dit alles lezen. En Harlingen, en het noorden hebben een extraatje gekregen! De Leeuwarder Courant zal een artikel brengen geschreven door de “ouwe seun” Koen Pennewaard. Die over een Leeuwarder gaat schrijven, maar dat moet je niet hardop zeggen in Harlingen.

Ik wens Ete(Esther) een behouden vaart terug naar:

EsterSopacua
VAYA CON DIOS

Onze blauwe zeeën waar wij altijd trouw aan zijn gebleven!

Onze witte stranden die wij nooit kunnen vergeten!

Onze groene grondgebieden waar onze grondschatten zijn!

Onze (KNIL) voorouders, waar wij nazaten of bloed van zijn, waardoor wij een volk zijn!

RMSKleuren

Maluku4Maluku

Leo Reawaruw (Harlingen / Leeuwarden)

Leeuwarder Courant vrijdag 3 november 2017

Verslaggever Koen Pennewaard

Molukse militairen: ‘De erkenning is prachtig, maar waarom zo laat?’

 

Erkenning van de Nederlandse staat. Veel te lang hebben de Molukse militairen er op moeten wachten, vindt Leo Reawaruw.

Hij vocht onder de Nederlandse vlag en voor het koningshuis. Maar decennialang voelde hij zich, samen met zijn ongeveer 5000 strijdmakkers en landgenoten, behandeld als tweederangs burger. Nu, op 87-jarige leeftijd, haalt Benjamin Tahalele uit Appelscha, opgelucht adem.

Appelscha_KNIL-soldaat B. Tahalele krijgt erkenning. 44km. JASPAR MOULIJN
Veterans4Veterans Bapa Benjamin Tahalele wilde niet naar Nederland, maar kreeg dienstbevel voor zes maanden te gaan. 66 jaar later!

 

Het ministerie van Defensie erkent de ongeveer nog tachtig in leven zijnde Molukse militairen die voor Nederland hebben gevochten in het koloniale leger in Indonesië, als veteraan. Op 21 november mag hij op landgoed De Zwaluwenberg in Hilversum de onderscheidingen in ontvangst nemen van de Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht, Hans van Griensven. Ook hebben de veteranen recht op een veteranenpensioen. Zijn vrouw en dochter zullen hem vergezellen.

60 jaar in de kou

,,Het is prachtig, maar waarom zo laat? Ik voel mij 60 jaar in de kou gezet. Het is jammer dat zovelen ons al zijn ontvallen”, zo merkt hij op in zijn bescheiden rijtjeswoning in Appelscha. Naast Tahalele zijn er nog twee ‘Friese’ KNIL-Ambonezen.

De erkenning is tot stand gekomen na een jarenlange strijd van Leeuwarder Leo Reawaruw, zelf ex-militair en kind van een voormalig KNIL-militair. In een persoonlijk gesprek wist Reawaruw de militaire baas tot de opzienbarende stap over te halen. ,,Dit zijn vergeten veteranen. Zij verdienen het respect van Nederland.’’

Al eerder ijverde hij met zijn actiebeweging MalukuforMaluku met (bescheiden) succes voor een zogenoemde backpay-regeling. Die is bedoeld voor ambtenaren en militairen uit Nederlands-Indië die in de Tweede Wereldoorlog geen salaris ontvingen en op 15 augustus 2015 nog in leven waren. ,,Het is vreemd dat er budget is voor 3500 mensen, maar dat pas 500 de uitkering (25.000 euro) hebben ontvangen.

KNILzw1

Opvang in kampen

In 1951 kwam Tahalele aan in Rotterdam. Op dienstbevel. Na ruim vier jaar strijd in Nederlands-Indië werden de KNIL-militairen gesommeerd naar Nederland te gaan. Gezinnen werden uit elkaar gehaald. In sommige gevallen moesten ouders meerdere kinderen op het eiland achterlaten. Het verblijf in het verre, onbekende Nederland zou maximaal een half jaar duren, zo werd gezegd. Ook zouden de militairen met hun gezinnen bij elkaar blijven.

Wapenbroeder

De pas 21-jarige Tahalele, die droomde van een carrière op Ambon bij de militaire politie, vertrok als vrijgezel en moest zijn ouders en twaalf broertjes en zusjes achterlaten. De Molukkers werden in kampen, op verschillende plaatsen in het land, ondergebracht. ,,We mochten niet werken en kregen 3 gulden leefgeld per week. Het militaire salaris werd gestopt.’’

Al snel werd duidelijk dat van terugkeer naar Ambon geen sprake was. Tahalele en zijn landgenoten voelden zich verraden en vernederd. ,,Het was een verschrikkelijke tijd in de kampen. Ik heb alles wat ik had van het leger verbrand. Mijn uniform, de medailles.’’

Baan bij Batavus

Later, na diverse omzwervingen, streek hij neer in Appelscha. Hij vond uiteindelijk een baan als leidinggevende bij Batavus in Heerenveen. Het onrecht dat hem is aangedaan, voelt hij echter nog iedere dag. Heimwee naar zijn geboortegrond heeft hij nog altijd. Spreken over het verleden blijft moeilijk. ,,Ik zeg nu wel: ‘Fryslân boppe, Hollân yn de groppe’.’’

Reawaruw is blij met het behaalde resultaat, maar zijn strijd voor eerherstel voor de Ambonezen is nog niet gestreden. Hij bepleit volledige schadeloosstelling van de oud-militairen en hun families gedurende de afgelopen decennia. ,,Er is onze families veel onthouden. Goede huisvesting, scholing, noem maar op.’’ Voor de navolgende generaties Ambonezen is het belangrijk dat zij als volwaardige ingezetenen van het Nederlands Koninkrijk worden beschouwd. ,,Wij zijn geen gelukszoekers, geen gastarbeiders, geen vluchtelingen, maar nazaten van Nederlandse militairen. Onze voorouders zijn altijd trouw aan het koninkrijk geweest. Wij verdienen respect van de overheid en inwoners.”

IGKM4M2

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s